Oud Recht 5737 / 59 Nieuwe Niedorp pdf 15-08-2024 pag. 1

 

rekeninge gedaen bij Sijmon Arisz van den administratie
bij hem gehadt van wegen Cornelis Jansz Molenaer
ende saliger Jannetje Jans sijn overleden huijsvrou ende dat
voor Cornelis Heijndrickx ende Jan Pietersz Coeman weesmeesters van
Nieuwe Niedorp ende Cornelis Jansz Molenaer Jansz Hogeboom
secretaris van Niedorp haer adiunckt als geinstitueerde
erfgenamen van wegen den wesen van Niedorp ende voor Jan Claesen
Schoenmaker
ende Aerian Jansz Graef erfgenamen van s[aliger] Jannetijen
Jans
dochter huijsvrou van Cornelis Jansz Molenaer beginnende
den 27 december 1606 totten den 4 januarij 1608
 

 

ontfang
opten 27 december 1606 soo
heb ick in het sterfhuijs gevonden van
Jannetge Janssen ende Cornelis
Jansz Molenaer
driehondert vijftich
gulden twaelff stuivers twaelf p[enningen]

noch den 24 januarij 1607 ontfangen

IIJc L g[ulden] XIJ st[uivers] XIJ [penningen]

 

van Egbert Toenisen Schoenmaeker een jaer
renten

noch den 29 december 1606 ontfangen

XV g[ulden]

 

van Pieter Lambertsz sestien g[ulde]n van oude
renten

noch den 8 januarij ontfangen van jaer

XVJ g[ulde]n

 

renten van Bartelmies Jansz verscenen den
23 februarij 1606

noch den 13 januarij ontfangen van

VIIJ g[ulde]n

 

Jan Pietersz Mitwout elftalve gul[den] van
oude verloopen renten

noch ontfangen van Jan Pietersz Mitwout

X g[ulde]n X st[uivers]

 

achtien g[ulden ] 15 st[uivers] vervallen karstijt 1606

somma lateris 418 g[ulde]n 17 st[uivers] 12 p[enningen]

418-17-12-
 

XVIIJ g[ulde]n XV st[uivers]

noch ontfangen van Pieter Jan Allerden
tien g[ulde]n dat hij aen Oom ten achtern was

ontfangen van Jacob Huijgen en jaer

X g[ulde]n

 

renten bedraegende drieentseventiech
gulcen vercenen karstijt anno 1605

noch ontfangen van den selften Jacob Huijgen

LXXIIJ g[ulde]n

 

een jaer renten vervallen karstijt
1606
drie entseventich gulden

noch den 20 januarij 1607 afgelost

LXXIIJ g[ulde]n

 

bij Maritge Richtes tot Bergen een obli
gatie houdende hondert acht gulden

noch den 25 januarij ontfangen van Cor

C VIIJ g[ulde]n

 


nelis Ariaen Piet Gerrits acht gulden
oude renten

noch den 15 februarij ontfangen van

CVIIJ g[ulde]n

 

Cornelis Pieters Niekelant tot Barsin
horren tweehondert vijftich g[ulde]n voor hooft
som ende sesentwitch g[ulde]n van renten tot

noch den 29 mertie ontfangen van die

IJc LXXVI g[ulde]n

 

weesmeesters tot Niedorp veertich g[ulde]n

ontfangen van Frans Fransz een jaer

XLV g[ulde]n

 

renten verscenen 27 meij 1607

noch den tweden meij ontfangen van die

XV g[ulde]n

 

weduwe van Aerian Cornelisz tot Bergen
hondert gulden van hooftsom ende acht g[ulde]n
van renten tot

noch ontfangen een jaer renten om den
voors[chreven] weduwe va Aerian Cornelis en jaer

C VIIJ g[ulde]n

 
 

renten verscenen den 19 april 1607
noch vijf gulden van ouder renten

somma lateris 737 g[ulde]n 737

737
 

XVJ g[ulden]
    V g[ulden]

noch den 14 julij ontfangen van Pieter
Jansz Coeninck
een jaer rente vercenen
den 17 junij 1607

noch ontfangen van Willem Reijersz ene

XVI g[ulde]n

 


jaar renten verscenen den 10 februarij 1607

noch ontfangen van Cornelis Aeriaens

XXX

 

en jaar renten verscenen karstijt 1606

noch ontfangen van Lambert Lambertsz

XXXVIIIJ g[ulde]n

 

en jaer renten verscenen te karstijt
anno 1606

noch drie gulden van oude renten van den selfde
Lambert Lambertsz

noch ontfangen van Pieter Lambertsz en

XXXJ [gulden] X st[uivers]
 
IIJ g[ulde]n

 

jaer renten bedraecht sesentsevenich g[ulde]n
vijf stuivers verscenen te karstijt 1606
noch drie gulden van oude renten tot

noch den 10 augusti 1607 ontfangen van

LXXVJ g[ulde]n x st[uivers]
      IIJ g[ulde]n

 

Claes Jans Hen en jaer rente ver
scijnt in februarij

noch ontfangen van Cornelis Reijersz van
Langedijck en jaer renten verscenen den 20
december 1606

ontfangen van Maerten Cornelisz Seijlm[a]
ker
en jaer renten verscenen den 28 dece[m]ber
1606

noch ontfangen van Bartelmies Jansz
Scipper
en jaer renten versenen den
23 februarij 1607

noch ontfangen van Simon Gerritsz tot
Bergen en jaer renten verscijt den 10 janu[a]
ri 1607
achtentwintich g[ulde]n

somma lateris 294 g[ulde]n 10 st[uivers]

288-10
 

 
XVJ g[ulde]n

 
 
XXVIIIJ g[ulde]n

 
 
XXJ g[ulde]n

 
 
VIIJ g[ulde]n

 
 
XXVIIJ g[ulde]n

uitgeef aengaende den goederen achter
gelaten bij Jannetge Jans s[ali]g[er] en
Cornelis Jansz Molenaer s[ali]g[er]

inden eersten twe boeden gehouden
tot Niedorp ende Winkel gegeven twe


gulden vier st[uivers]

noch verleijt aen suijker ende wijn
in de siekte van Jannetje Jans
noch in die waeck gehaelt bij die
vrienden en bueren vieren dartich st[uivers] aen vis

noch betaelt aen wijn vier gulden tien
stu[vers] aen wijn in de kerckganck ende int
maken van die weedt

noch den eersten januarij betaelt aen Claes
Jansz Backer
aen roggebroot en tarwebroot

noch Egbert Toenisz Scoenmaeker betaelt
en paer muijlen van moeij Jan voor

noch Claes Claesz Timmerman een kist
voor moij Jan voor

noch Cornelis Jansz Metselaer van arbeijts
    Loon

noch twee gulden van een ham

noch den 2 januarij betaelt aen die graf
maker vijftien gulden met luijden van kerck

noch X st[uivers] van een hutspot

noch die bitster gegeven twe g[ulde]n

somma latereris 37 g[ulde]n 19 st[uivers]
 

IJ g[ulde]n IIIJ st[uivers]

J g[ulde]n VIJ st[uivers]
 
 
J g[ulde]n XIIIJ st[uivers]

 
 
IIIJ g[ulde]n X st[uivers]

 
IIJ g[ulde]n VIIJ st[uivers] VIJ p[enningen]

 
J g[ulde]n IJ st[uivers]

 
IIIJ g[ulde]n

 
- IIIJ st[uiver]en

IJ g[ulde]n

 
XV g[ulde]n

- X st[uivers]

IJ g[ulde]n

12 p[enningen]

noch aen wittebroot betaelt tot
Outgert Harckxs

noch tot Tijs Gaermensz ende tot Machtetl
op de Koeninckx wech betalet om laersen ende
andere waeren op twee g[ulde]n

noch heeft mijn huijsvrrou verdient en
half jaer waschen bedraecht negen g[ulde]n

noch 10 februarij betaelt aen Wijbrant
Aelbertsz
drie en twintich gulden vijftien st[uivers]
van en dootkleet

noch een sc hrijfboeck geroijt voor 5 st[uivers]

noch den 24 januarij die weesmeesters
op renten gedaen seshondert ghulden  

noch vijfenveertich st[uivers] betaelt van soutgelt

                  dootschult voor Oom
noch den 18 augusti en veirende bier
met die excijs

noch den 19 augusti Anna Cornelis vier
gulden gegeven daer sij mede te marckt
soude gaen ende copen dat van node was

noch een ham voor twee gulden

noch die gebueren gegeven negen
gulden tot en vereering omt te verteren

noch die bitster gegeven twee gulden

noch seven gulden min twe stuivers aen wijn
in de uitvaert

noch acht stuivers aen kaerssen

somma lateris 685 g[ulde]n 5 st[uivers] 10 p[enningen]
 

 
IJ g[ulde]n VJ st[uivers] IJ p[enningen]

 
 
IJ g[ulde]n

 
VIIIJ g[ulde]n

 
 
XXIIJ g[ulde]n XV st[uivers]

- V st[uivers]

 
VJc g[ulde]n

IJ g[ulde]n V st[uivers]

 
 
I g[ulde]n XIIJ st[uivers] 8 p[enningen]

 
 
IIIJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

 
IX g[ulde]n

VJ g[ulde]n XVIIJ st[uivers]

- VIIJ st[uivers]
 

 

 

noch aen en hutspot elf st[uivers]

noch en dootkist voor vier g[ulde]n

noch betaelt aen die graefmaker vijftien
gulden twaelf st[uivers] van luijden kerk

noch betaelt an een sarik met het leggen

negentien gulden negen stuivers

noch betaelt anen Claes Aeriansen vijf g[ulde]n
een stuivers aen het houden van die letters

noch aen Wijbrant Aelbertsz betaelt
drie en twintich gulden vijftien stuivers van het
dootkleet

noch den lesten meij anno 1607
renten geste aen Grote Pieter van
Scagen
nu ter tijt wonende binnen Alcmar
hondert gulden

noch int oepenen van het testement
verteert vijftien stuivers

noch aen Hendrick Dircksz Sevanck betaelt
vijftich st[uivers] voor het testament van Cornelis
Jansz Molenaer

alsoo den redduct alle desen renten ten
vollen in gebracht heeft soo brenckt hij
nu te rekening evan restanten van de lega
voorleden hondert sesentachtich gulden acht

stuivers acht p[enningen]
wat hem aende boven gescreven ontfang
niet resteert als h____ volcht

somma lateris hondert tweentseventich drie st[uivers]
     somma latris 358 IJ st 8 p

uitgeeft beloopt 1062
 

0 [gulden]-XJ st[uivers]

IIIJ g[ulde]n

 
XV [gulden]-XIJ st[uivers]

 

XIX g[ulde]n IX st[uivers]

 
V g[ulde]n J st[uivers]

 
 
XXIIJ g[ulde]n XV st[uivers]

 
 
 
C gulden

 
0 [gulden] XV st[uivers]

 
 
IJ [gulden]- X st[uivers]

 
 
 
 
CLXXXVJ - VIIJ st 8 p
 
            IIJ
CLXXIJ      st[uivers]

noch seven en twintich st[uivers] betaelt
en het copieren van Ooms ter merken

voorts wort den rendant toegevonden voor
die administratie

somma lateris

somma bedraecht desen voors[chreven] uitgeef
in als die somma van achthondert
ses entnegentich gulden vijftien stuivers
ses penningen

somma meerder ontfangen als
uitgegeeven die somma van seshondert
tweentsestich gulden twee st[uivers] ses penning

somma den rendant berekent

 
J g[ulde]n XIJ [stuivers]

 
XX ghulden

21 g[ulde]n 7 st[uivers]

dat hij schuldich blijft aende erffg[ename]n
van Corn[elis] Jansz Molenaer ende Jannijtge
Jans
d[ochte]r die somma van seshondert
twe ende t sestich gulden vijftien st[uivers] VJ pen[ningen]
die hij gehouden blijft aende selve te voldoen
des zal den rendant noch moghen ontfangen
t gunt resteert aende penn[ingen] hier vooren
als voor ontfang in rekeninge ghebracht
bedragende ter somma hondert ses ende tachtich
gul[den] VIIJ st[uivers] VIIJ penn[ingen] volgens d specificatie
bij hem hier nae aengheteeckent met conditie
zoe den rendant eenijge costen van recht vorderinge
zal moeten doen tot inninge van de zelve penn[ingen] dat
hem d selve costen bijde erffg[ename]n respective zullen
werden gherembomseert mede zoe vere hij eenijge
der selver resteerende penn[ingen] niet can innen ende sulcx verloren
schulde vallen dat hem insgelijcks tot die tot affcortin
ge sullen werden ghepasseert actum den vierden
januarij 1608

resteert op dese rekeninge 491 - 15 st[uivers] 12 p[enningen]

 
hier van co

 
mt die weesvaders de helft comp[eteer]t voor haer deel

  g[ulden] st[uivers] p[enningen]
245-17 14
 

restanten van den ontfang bij

Jan Pietersz Mitwout is noch sculdich
om het jaer renten desen 1606 bij karstijt

Jacob Huijgen is noch schuldich van het
jaar 16 061606 karstijt

die weduwe van Arian Cornelis rest noch

Lambert Lamberts rest noch tien g[ulde]n vijf st[uivers]

Pieter Lambertsz resteert

Batelmies Jansz Scijper resteert

Simon Gerritsz resteertn noch ses g[nn

Phillips Jansz resteert noch twintch g[ulde]n X st[uivers]

Geert Geroens resteert noch

Gerrit Ijven tot Petten resteert noch

Cornelis Willems tot Coedijk rest

Jan Jansz Appel rest

Cornelis Jansz Backer

somma lateris 186 [gulden] - 9 st[uivers] 9 p[enningen]
 

Simon Arisz

 
XJ g[ulde]n XIXI st[uivers] 8 p[enningen]

 
LIIJ g[ulde]n  

IJ g[ulde]n X st[uivers]

X [gulden] - 5 st[uivers]

XIIIJ g[ulde]n 5 [stuivers] -

VIIJ g[ulde]n

VJ g[ulde]n

XX g[ulde]n X st[uivers]

VIIJ g[ulde]n

XVJ g[ulde]n

VIIJ g[ulde]n

XIIIJ g[ulde]n

XIIIJ g[ulde]n
 

uitgeef aengaende Cornelis Jansz
Molenaer
alleen op sijn eijgen naem
verscoten

opten eersten januarij 1607 twe g[ulde]n
gegeven in die huijshoudinge

noch een onderbroek voor Oom gecocht voor
drie g[ulde]n ses stuivers van het maeckloon
negendalve p[enning] tot

noch den 5 januarij 2 vierendel biers
met de excijs

noch den 14 januarij twe g[ulde]n gegeven in
die huijshoudinge

noch tien st[uivers] aen brandewijn voor Oom gecogt

noch den 30 f januarij twee g[ulde]n gege[ve]n
in die huijshoudinge

noch den 5 februarij achtentwintich stuivers
betaelt van een paer toffelen

noch den 8 februarij gegeven twee g[ulde]n
in die huijshouding

noch den 16 februarij gegeven twee g[ulde]n in
die huijshoudinge

noch den 20 februarij en vierendel biers
met die excijs

noch den 23 februarij twee g[ulde]n gegeven in
die huijshouding

noch den 4 mertie twe g[ulde]n in die huijs
houdinge

noch den 14 mertie twee g[ulde]n in die huijs
houdinge

noch den 25 mertie twe g[ulde]n in die huijshou[ding]

somma lateris 28 g[ulde]n 8 st[uivers] 4 p[enningen]
 

 
 
 

 
IJ g[ulde]n

 
 
IIJ g[ulde]n XIIIJ st[uivers] 8 p[enningen]

 
IIJ g[ulde]n IIIJ st[uivers] 8 p[enningen]

 
IJ g[ulde]n

- X st[uivers]

 
IJ g[ulde]n

 
J - 8 - 0

 
IJ g[ulde]n

 
IJ g[ulde]n

 
J g[ulde]n XJ st[uivers] IIIJ p[eningen]

 
IJ g[ulde]n

 
IJ g[ulde]n

 
IJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

 

noch den tweden april twee gulden
gegeven in Cornelis Jansz Molenaers
huijshoudinge

noch den selfden dach gecocht twe sponsen
voor vijfentwintich halve st[uivers] tot

noch den 14 april twee gulden in die huijs
houdinge

noch den 16 april en vierendel biers voor

noch den 17 april een ham voor vieren
veertich st[uivers] vier p[eningen] acht stuivers aen wielbroot vijftalve
stuiver meer van aijeren vier stuivers an borssens
stuivers an butter bedraecht

noch den 21 april twee gulden in die
huijshoudinge

noch sestien stuivers betaelt aen wachtgelt

noch den 28 april twee gulden in die huijshoudi[nge]

noch den sesten meij twee g[ulde]n in die huijshoudi[ing]

noch den 16 meij twee g[ulde]n in die huijshoudi[ng]

noch en vierendeel biers voor opten 3 junij
met die excijs

noch den 8 junij 27 meij twee ghulden in
die huijshoudinge

noch den 8 junij twe g[ulde]n in die huijshoudinge

noch den 24 junij twe g[ulde]n in die huijsho[udinge]

noch den 29 junij 9 julij betaelt en half kineken
botter voor vier g[ulde]n tot

noch den 5 julij twee g[ulde]n in die huijshoudin[g]

somma lijteris 32 g[ulde]n 10 st[uivers] 12 p[enningen]
 

 
 
IJ g[ulde]n

 
J g[ulde]n IIIJ st[uivers] VIIIJ p[enningen]

 
IJ g[ulde]n

J g[ulde]n XJ st[uivers] IIIJ p[enningen]

 
 
 
IIJ g[ulde]n VIIJ st XIJ p[enningen]

 
IJ g[ulde]n

- XVJ st[uivers]

IJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

 
I g[ulde]n XJ st[uivers] IIIJ p[enningen]

 
IJ g[ulde]n

IJ [gulden]

IJ g[ulde]n

 
IIIJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

noch den 15 julij twe g[ulde]n in die huijshoud[inge]

noch den 25 julij twe g[ulde]n in die huijshoudinge

noch den 6 augusti vijfenveertich st[uivers] van soutgel[d]

noch den 7 augusti twe gulden in die huijsho[uding]

noch den 14 augusti twee g[ulde]n in die huijshou[ding]

noch den selfden dach een gulden van achtgelt

noch den 6 september betaelt drie g[ulde]n an scoor
ten gelt twee gulden acht st[uivers] van houderste
pennning te saem

noch den 8 september Anna Cornelis Ooms
meijt betaelt veertich gulden van huur

noch den 14 september Anna Cornelis
gegeven hondert gulden dat welck sij
bedonck ende oom haer beloofde dat sij soude
_verde tot     sijn meijt dat
Anna Cornelis hondert gulden soude hebben
soo Cornelis Jansz qwaem te overlijden
terwijl Anna Cornelis mit hem woonde
int bij weesen van Griete Claes, Lijsbet
Claes
ende Aef Ollebrants ende Cornelis
Jansz
mijn Simon Ariss belast heeft dat
ick het Anna Cornelis soude geven soo
hij qwaem te overlijden
 

IJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

ij 5

IJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

IJ g[ulde]n

 
 
V g[ulde]n VIIJ st[uivers]

 
XL g[ulde]n

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
C g[n

Somma bedraecht t gunt in uuijtgeeff is
ghepasseert hondert seventien gul[den]
twaelff st[uivers] blijvende dese voors[chreven] hondert
gul[den] in staten en in beraet ghehouden bij
de weesm[eeste]ren om met haer principalen te
spreecken alles ongvermindeert

somm lateris ____ 156 g[ulde]n 13 st[uivers]
 

somma den voors[chreven] hondert seveniten g[nls
twaelf stuivers afgetrocken van t gunt
den weeshuijse competeert uit die ses
hondert twee ende t sestich gulden XV st[uivers]
Vj penning hier vooren den rendant
berekent blijft den rendant schuldich
aenden weeshuijse tot Nieuwe Niedorp
die somma van twee hondert dartien
gulden XV stuivers elf penning suijver
gelt ende aen sijn mede erven van Janetge
Jans
competerende driehondert een en
dartich gulden seven stuivers elf penning
actum den vijften januarij sestienhondert
acht
i[n] oorconden soo is dit geteijckent

         Sijmon Andriesz
bij mij Jan Claessoon Scoemaker

        dit is Aerian A Jansen sijn merck

        bij mij Cornelis Heindrickxsoon

         Jan Pietersz Koeman

             Willem Heijndriksen
 

   9 3
1 0 0
   29 - 5
2 2 2                                    245 17
   ooms schult allen bedracht 216-12
dit afgetrocken van 245-17       29   5
comt die weesmeesters neto 229 g[ulde]n vijff stuivers


Homepage | E-mail