Oud Recht 5573 / 60 Spanbroek pdf19-05-2023 pag. 1

 

59

 
 
d 40en pen[ning] is betaelt

 

                                              opten 5en julij 1629 voor Jan Janssoon
                                               Heijnssoon ende Hendrick Evertssoon
                                              der stede van spanbrouck

heeft Cornelis Cornelisz Oukis mede poorter tot Spanbrouck in de kaech
voor hem en[de] sijnen erven en[de] nacomelingen een vrije jaerlicxe losrenten van dertich gulden
twaelff stuvers acht pen[ningen] aen Pieter Janssz Roodt wonende tot Hoochtwoude ende sijn naco
melingen om die somme van vijff hondert 88[?] gulden die hij bekende ten vollen ontfangen
te hebben welcke renten het eerste jaer verschenen ende onbetaelt sall wesen den
Jen dach maij int jaer XVIc en[de] dertich en[de] soe voorts van jaere tot jaer ewelijck
en[de] erffelijck gedurende totte effectuele afflossinge toe vrijs gelts sonder eenige cortinge
van Ce Le XLe XXe Xe minder ofte meerder pen[ningen] niettegenstaende eenige placcaten ofte
ordonnantien bijte ed[ele] heeren staten ofte heeren van de lande alreede geemaneert ofte naemels
t emaneren anders ware gestatueert oock met die clausule der eqatoir van dat die
rentheffers evenwel corting souden moeten lijden die hij te samen en[de] elcx bij sonder renuncieert
bij desen belovende bij eere en[de] seeckerheijt in eedts plaetse hem nochte sijnen nacoemlingen
haer daer mede niet te sullen behelpen behouwlijck dathij comparan td selve rente
tot allen tijden sal moben afflossen en[de] dedimeren met gelijcke hooftsomme van vijf hondernt gelden
en verschenen onbetaelde renten nae beloop des tijts ende oock met hondert ofte meerder
guldens hooftsoms tevens en[de] verschenen onbetaelde renten mits dat van d onbetaelde hooftsomme
jaerlicx als vooren ses gulden twee stuvers acht pen[ningen] tot differtuel afflossinge en[de] voldoeninge
ter renten betaelt sullen wordne voor de voldoening van[de] versz[egde] hooftsomme en jaerlixe renten
met alle coste en schaden die d wettelijck houder deses voor quade betalinge sall moeten doen
ende lijden stelde hij comparant specialijcken ten onderpande eerst ses hondert seven
ende tachtich roeden uuijt Croocx Kaech in oncosten hem comparant bij cope van Cornelis
Pietersz Kistemaecker
aengecomen mitsgaders sijn comparanten huijs en[de] vijff hondert vijff
en[de] twintich roeden lants in oncsoten daer t selve huijs op staet mede uuijt Croocx kaech
wordt so groot en[de] cleijn d sevel twe stucken uuijt Croocx Kaech bij den anderen in de Kaech
in dese jrusidictie sijn gelegen daer naest lendens aen gelant sijn d comparant selffs
met der brandewerff ten suijdt westen en die kinderne van Jan Maerten Gelders ten noort oosten
ende voorts sijn persoon en[de ] ander roeren[de] en[de] onroeren[de] goedereren geen uuijtgesondert die etc[etra]


Homepage | E-mail